Museums-

­führer

3. Kinderboekenkamer

In deze kinderboekenkamer ontmoeten we Till Eulenspiegel voor het eerst zoals de meeste bezoekers hem kennen: in een bont narrenkostuum, met een narrenkap op het hoofd, een uil en een spiegel in de hand en een ondeugende glimlach op zijn gezicht.

Zo kan hij er oorspronkelijk echter niet hebben uitgezien. Ook in het volksboek wordt hij niet op deze manier afgebeeld.

Misschien herinnert u zich het verhaal van de uilen en de meerkatten, dat alleen werkt omdat Till incognito optreedt. Meestal maakt hij pas na zijn streken bekend wie hij is. Soms schrijft hij boven de deur van zijn slachtoffers „Hic fuit“ – Latijn voor „Ik ben hier geweest“.

De figuur van Till Eulenspiegel moest eerst kindvriendelijk worden gemaakt. Dat gebeurde in de negentiende eeuw, toen men zijn verhalen begon te herschrijven zodat men ze zonder bezwaar aan kinderen kon voorlezen of laten lezen.

In deze kinderboeken wordt Till Eulenspiegel voor het eerst zo afgebeeld als wij hem vandaag kennen. De bekendste kinderboekversie is waarschijnlijk die van Erich Kästner. In de tentoonstelling laten we deze editie in acht verschillende vertalingen zien.

Toch bevat dit boek slechts twaalf van de oorspronkelijk zesennegentig Eulenspiegelverhalen.

Ga naar de inhoud